De buitenvrouw

🎧 Luister je liever? Beluister hieronder de ingesproken versie van deze blog.

“Ga je echt met je man naar Suriname?”

Zestien jaar geleden kreeg ik die vraag meerdere keren toen mijn man voor zijn werk naar Suriname werd uitgezonden.

“Daar heeft toch iedere man een buitenvrouw? Durf je dat wel aan?”

Ik moest lachen.

“Als mijn man bij me weg wil,” antwoordde ik, “kan ik hem toch niet vastbinden.”

Destijds dacht ik niet veel verder na over die opmerking.

Tot ik jaren later op een middag op het terras van mijn hotel in Paramaribo zat.

Hij was een vaste gast. Een zakenrelatie. Meestal zat hij daar met een koud Parbo Bier in zijn hand, maakte een grapje en praatten we over de Surinaamse politiek, de economie en het dagelijkse leven.

Maar die middag was anders.

Hij keek voor zich uit.

“Mijn vrouw is bij me weg,” zei hij.

“Na twintig jaar.”

“Waarom?” vroeg ik.

Hij keek me aan alsof ik het antwoord al wist.

“Ze weet nu van mijn buitenvrouw.”

Ik liet een stilte vallen.

“Waarom had je eigenlijk een buitenvrouw?”

Hij haalde zijn schouders op.

“Ach… je weet toch. Als al mijn matties een buitenvrouw hebben, dan moet je dat ook toch.”

Ik keek hem aan.

Twintig jaar huwelijk.

Voorbij.

En als verklaring kreeg ik één zin.

“Als al mijn matties dat doen…”

Ik wist niet of ik moest lachen of huilen.

Dat gesprek is me altijd bijgebleven.

Niet omdat hij een buitenvrouw had.

Maar vanwege de vanzelfsprekendheid waarmee hij het vertelde. Alsof hij uitlegde waarom hij een ander merk bier had gekozen.

Zijn antwoord bleef in mijn hoofd hangen.

Blijkbaar kan de invloed van vrienden soms groter zijn dan de belofte die je ooit aan je partner hebt gedaan.

Vreemdgaan bestaat overal ter wereld. Daar is Suriname niet uniek in. Maar waarom hebben wij er een eigen woord voor? Waarom heet zij een buitenvrouw?

Die vragen lieten me niet meer los. Wat begon met een opmerking vóór onze reis naar Suriname en jaren later werd versterkt door een gesprek op het terras van mijn hotel, groeide uit tot een zoektocht naar de herkomst van één bijzonder woord.

Het woord buitenvrouw kende ik al voordat ik wist wat liefde eigenlijk betekende. Niet omdat er thuis veel over werd gesproken, maar omdat het af en toe opdook in verhalen.

Later hoorde ik steeds vaker soortgelijke verhalen. Over mannen met meerdere gezinnen. Over vrouwen die daarmee moesten leven. En over kinderen die opgroeiden met de gevolgen van keuzes die zij zelf nooit hadden gemaakt.

Er werd niet over gesproken.

Maar iedereen wist het.

Ook in mijn eigen familie speelde dit. Zowel aan de kant van mijn vader als van mijn moeder. Juist daarom is dit onderwerp voor mij geen abstract begrip of een verhaal van ‘anderen’. Het maakt deel uit van de werkelijkheid waarin ik ben opgegroeid.

Tijdens mijn zoektocht merkte ik hoeveel verhalen ik tegenkwam over mannen die naast hun huwelijk nog een tweede gezin hadden. Gaandeweg realiseerde ik me dat ook mensen die dicht bij mij stonden onderdeel waren van die werkelijkheid. Dat maakte mijn zoektocht persoonlijker dan ik vooraf had gedacht.

In veel gevallen leken de vrouwen daarvan op de hoogte te zijn. Dat maakte het niet minder pijnlijk, maar het leek soms een werkelijkheid waarmee mensen hadden leren leven.

Juist daardoor bleef één vraag steeds terugkomen.

Waarom bestaat er voor dit verschijnsel een eigen naam?

Die zoektocht leverde meer vragen dan antwoorden op. Over de oorsprong van het woord is verrassend weinig met zekerheid bekend. Het bestaat al tientallen jaren in het Surinaams-Nederlands, maar wanneer het precies is ontstaan en wie het voor het eerst gebruikte, heb ik niet kunnen achterhalen.

Onderweg vroeg ik me van alles af. Speelde de geschiedenis een rol? Waren er in bepaalde perioden meer vrouwen dan mannen? Of hadden juist de sociale normen van die tijd de grootste invloed? Ik heb daar geen definitief antwoord op gevonden. Misschien is het wel een combinatie van al die factoren.

Nog een vraag liet me niet los.

Is de buitenvrouw eigenlijk verbonden aan één bepaalde bevolkingsgroep in Suriname?

Mijn gevoel zegt van niet.

Ik heb verhalen gehoord uit verschillende hoeken. Niet overal even zichtbaar en zeker niet overal even geaccepteerd, maar het lijkt zich niet netjes langs grenzen te laten indelen.

Wellicht verschilt vooral hoe ermee wordt omgegaan.

In de ene familie wordt erover gepraat.

In een andere wordt er gezwegen.

Soms weet iedereen het, behalve degene die het officieel niet mag weten.

En misschien spelen tradities, verwachtingen, afhankelijkheid of simpelweg de wens om de rust te bewaren daarbij een rol.

Maar ook hier wil ik voorzichtig zijn.

Het bestaan van het woord buitenvrouw betekent niet dat Surinaamse mannen vaker vreemdgaan dan mannen ergens anders.

Ook in Nederland gebeurt het.

Alleen noemen we het anders.

Een affaire.

Een minnares.

Overspel.

Andere woorden.

Dezelfde pijn.

En toen kwam er nog een gedachte bij me op.

Als er een buitenvrouw bestaat, waarom hoor je dan bijna nooit over een buitenman?

Hebben vrouwen die niet?

Natuurlijk wel.

Of kijken we er gewoon anders naar?

Waarom kreeg juist de vrouw een eigen naam?

En niet de man die dezelfde keuze maakte?

Ik heb daar geen antwoord op gevonden.

Maar die vraag liet me sindsdien niet meer los.

Misschien zegt taal meer over een samenleving dan we zelf beseffen.

Woorden ontstaan immers niet zomaar. Ze ontstaan omdat mensen iets herkennen, benoemen en blijven gebruiken. Soms verdwijnen woorden weer. Andere blijven bestaan, omdat ze kennelijk iets beschrijven dat generaties lang herkenbaar is.

Terwijl ik hierover nadacht, moest ik steeds terugdenken aan die ene zin op het terras.

“Als al mijn matties dat doen…”

Misschien was dat wel de zin die me het meest aan het denken zette. Niet omdat hij daarmee zijn keuze verklaarde, maar omdat hij liet zien hoe groot de invloed van onze omgeving kan zijn.

Hoeveel keuzes maken we eigenlijk zelf?

En hoeveel nemen we ongemerkt over omdat we denken dat het zo hoort?

Ik schrijf deze blog niet omdat ik antwoorden heb.

En ook niet om iemand te veroordelen.

Iedereen in dit verhaal is een mens.

Met verlangens.

Met twijfels.

Met keuzes.

En met de gevolgen daarvan.

Misschien is het enige wat ik wil doen, het gesprek een beetje openen.

Niet alleen over de buitenvrouw.

Maar ook over wat we normaal vinden.

En waarom.

Misschien is dat wel de reden dat dit woord me blijft bezighouden. Niet omdat het alleen over ontrouw gaat, maar omdat het laat zien hoe taal, cultuur en menselijke keuzes met elkaar verweven kunnen raken.

Wanneer wordt iets dat eigenlijk pijn doet, toch zo gewoon dat niemand zich nog afvraagt waarom we het normaal zijn gaan vinden?

Cultuur ontstaat niet vanzelf.

Wij geven er, bewust en onbewust, elke dag opnieuw vorm aan.

Misschien begint dat niet met de vraag:

“Wat doet iedereen?”

Maar met een andere vraag.

“Wat voelt voor mij eigenlijk goed?”

Plaats een reactie